donderdag 2 januari 2014

Zakkende lira en schandalen

Corruptieschandaal schaadt Turkse economie

Woedende demonstranten, traangas. Een boze premier Erdogan die tekeer gaat over buitenlandse complotten. Opstappende ministers en een groeiend corruptieschandaal. Het zijn geen beelden waar investeerders en aandelenbeurzen vrolijk van worden. Integendeel.  

Volgens de Turkse Centrale Bank hebben buitenlandse investeerders sinds de arrestaties in het omkoopschandaal op 17 december voor bijna twee miljard dollar aan staatsobligaties verkocht. Afgelopen vrijdag zakte de lira tot een historische dieptepunt ooit ten opzichte van euro en dollar. Drie lira voor een euro? Heel veel Turken hadden het vorig jaar niet voor mogelijk gehouden. Gisteren krabbelde de lira en de aandelenbeurs in Istanbul weer op - nadat de Centrale Bank 600 miljoen dollar voor lira verkocht - maar veel vertrouwen heeft de markt niet.

De lira staat namelijk al onder zware druk staat door de afbouw van stimuleringsmaatregelen door de Amerikaanse Centrale Bank. Met name opkomende markten zoals Turkije, worden daardoor zwaar getroffen. Zij hebben de afgelopen jaren juist geprofiteerd van deze steun. Ook het langzame herstel in Europa en VS trekt kapitaal weg.  Het corruptieschandaal dat het land nu anderhalve week in zijn greep houdt, maakt de ellende nog groter.

De onverwachte arrestaties van bekende ondernemers, onder wie een grote vastgoedgigant, een bankdirecteur en twee zonen van ministers, op verdenking van corruptie en omkoping bij openbare aanbestedingen kwamen voor velen als een schok. Erdogan die vervolgens te keer gaat tegen justitie en hoge politieofficieren en de openbaar aanklager vervangt, maakt de chaos helemaal compleet.
Inmiddels zijn vier ministers opgestapt en heeft Erdogan zijn halve kabinet vervangen. Volgens de Turkse premier is er sprake van een ‘buitenlandse complot dat er uit op uit is om Turkije schade te berokkenen. Afgelopen weekend ging hij opnieuw te keer tegen ‘deze samenzweerders’ en de ‘bende bij politie en jusitie’. Het zijn uitlatingen die weinig buitenlandse investeerders vertrouwen geven.

Uit een onderzoek van het Turkse blad Ekonomist, blijkt dan ook dat 71 procent van de CEO’s van de grootste Turkse bedrijven met weinig optimisme naar de toekomst kijkt. Ze vrezen dat de recente ontwikkelingen, drie maanden voor de verkiezingen, buitenlandse partners en investeerders zal afschrikken.
Velen zullen de situatie nog een tijd willen aankijken voordat ze gaan investeren in het ‘China van Europa’, zoals het land een paar jaar terug nog genoemd werd.

De regering van Erdogan, nu elf jaar aan de macht, werd lange tijd geprezen voor het succesvolle economische beleid. De wereld keek jaloers naar de groeicijfers van rond de acht procent. Het inkomen per hoofd van de bevolking verdriedubbelde, de inflatie ging omlaag, de schulden aan het IMF werden afgelost. Van alle kanten klonk lof. Maar de tijd is voorbij.

De economische meewind waait zo hard niet meer. Turkije kampt met een grote private schuldenlast en een groot tekort op de lopende rekening. Het leunt zwaar op buitenlandse korte termijn kredieten, zogenoemd hot money. Deze afhankelijkheid van buitenlandse geldschieters maakt de economie erg kwetsbaar. Zeker wanneer dat hot money - door alle onrust - het land verlaat. Maar of Erdogan zich daar wat van aantrekt en de komende tijd zich in gaat houden, is zeer de vraag.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten