zaterdag 25 februari 2012

Doof in Turkije


Geen gebaren, veel schaamte



Ze is nog geen vier.
 Haar handen bewegen snel. In gebarentaal vertelt ze dat Ali daarnet moest huilen. Een vriendje had zijn auto afgepakt. De blonde Nisan is de dochter van twee dove ouders en spreekt als enige peuter in deze klas gebarentaal. De andere drie kinderen spelen onverstoorbaar door. Zij spreken haar taal niet.

Het doet secretaris Melike Sehirli van TIV, de Turkse stichting voor Hoor en Spraakrehabilitatie, in Istanbul pijn. Ze zou willen dat alle kinderen die naar de ‘speciale kleuterschool’ voor dove kinderen komen, gebarentaal spreken. Maar zo ver is het nog lang niet.


Op gebarentaal rust een groot taboe in Turkije. ,,Veel ouders willen niet dat we hun kind gebarentaal leren. Daarmee vallen ze te veel op en lijken ze gehandicapt.”


Ook op de 58 staatsscholen waar dovenonderwijs wordt gegeven, is gebarentaal uit den boze.


,,Er is ook nog maar weinig literatuur over de Turkse gebarentaal.


Het ontbreekt aan lesmateriaal, aan leerkrachten. Met als gevolg
 dat veel kinderen - op verschillende scholen - hun eigen gebaren ontwikkelen. Kinderen van de ene school spreken een andere gebarentaal dan kinderen van de andere school.’’

Sehirli vecht voor verandering. Ze was onder de indruk toen ze vorig jaar op bezoek in Vught - op een school van Kentalis - dove kinderen ‘ honderduit’ zag gebaren met hun ouders ,,Zelfs een oma sprak
 gebarentaal. Ongelofelijk. Dan hebben we hier nog een lange weg te gaan.”

De focus ligt in Turkije vooral op het leren spreken. ,,Maar het duurt maanden voor dat een doof kind het woord ‘fiets’ goed kan uitspreken. Met gebarentaal gaat dat veel sneller. Ik ben ervan overtuigd dat een mix beter is. Het kind kan zich dan ieder geval uiten. Dat is
 belangrijk.’’ Een klasje verderop zitten acht kleuters te kleuren. De kinderen van dit centrum horen bij de happy few. Centra als deze waar dove kleuters en peuters speciaal onderwijs krijgen zijn zeldzaam in Turkije. Het merendeel van de dove kinderen gaat pas op hun zesde naar een gewone basisschool en een paar uur per week naar een speciaal revalidatiecentrum.

Sehirli windt er geen doekjes om.
 Die centra zijn vreselijk, zegt ze. ,, Autisten, kinderen met Down Syndroom, doven, blind. Ze gaan allemaal naar dezelfde centra.
Daar is niemand bij geholpen.”

Een aantal kleuters in de klas draagt een gehoorapparaat, anderen hebben een cochleair implantaat ofwel CI. Deze ‘ bionische oren’ helpen doven en slechthorenden weer iets te horen. In Turkije zijn de implantanten erg popu-lair, alleen blijft de nazorg vaak achterwege. Sehirli: ,,En niet alle ouders willen deze operatie - het implantaat is te goed zichtbaar. Gehoorapparaatjes kun je nog onder lang haar verbergen.’’ De schaamte van de ouders voor de handicap is
 een groot probleem, zegt ze. De school loopt daar keer op keer tegen aan.
Een stuk verderop in het moderne schoolgebouw - met lichte lokalen, brede gangen en kleurplaten aan de muur - zitten de moeders van de leerlingen die ver weg van het centrum wonen. Twee tot drie dagen per week zijn ze ook op de ‘school’ te vinden. Uit noodzaak, want de kinderen kunnen niet alleen door de enorme metropool reizen. Het is niet makkelijk om moeder van een doof kind te zijn in Turkije, vertelt moeder Gulcan Sahin. ,,De discriminatie is groot.

Veel normale scholen accepteren geen dove kinderen - dat is volledig afhankelijk van de directeur.”

Verderop zit een dove moeder, ze is 32 jaar en komt uit Bingol, zuidoost- Turkije. ,,Ik ben zelf nooit naar school geweest, ik kan ook niet lezen of schrijven.We waren met achten thuis, twee broers zijn ook doof. We hebben ons zelf gebarentaal geleerd’’, vertelt ze. Sehirli:,, Haar zoon kan nu gelukkig naar school, maar er zijn nog steeds te veel kinderen zoals zij in de rest van Turkije.”
 




Kentalis helpt dove Turkse kinderen

Van de naar schatting 120.000 dove kinderen in Turkije gaan er slechts 7.000 naar school. ,,We lopen hier vijftig jaar achter”, zegt Melike Sehirli van TIV in Istanbul. ,,Er is een tekort aan kennis, aan leerkrachten, aan scholen.” Met als gevolg veel schrijnende situaties.

Het merendeel van de 56 ‘dovenscholen’ bevindt zich in de grote steden. ,,Veel dove kinderen in het binnenland gaan niet naar school, ouders komen er pas achter dat hun zoon of dochter doof is wanneer ze al zeven of acht zijn. Voor
 die tijd werd gedacht dat ze ‘gek’ waren.” Ze kent de trieste voorbeelden. Kinderen die worden geslagen, opgesloten of uit schaamte thuis worden gehouden. ,,De achterstand die de kinderen dan oplopen haal je niet meer in.”

Het centrum van TIV, de Turkse stichting voor Hoor en Spraak Rehabilitatie, biedt onderwijs en hulp aan dove kinderen tussen de 0 en 6 jaar en is daarmee een uitzondering in het land. Zo ook het feit dat de kinderen er gebarentaal leren. Op de staatsscholen gebeurt dat niet. Melike Sehirli: ,,Er wordt hier nog veel gediscussieerd over het nut van gebarentaal. De angst is groot dat kinderen niet meer leren spreken. Het onderwijs is hier echt op spreken gericht.’’ Ook veel ouders willen niet dat hun kind gebarentaal leert. ,,Uit angst voor reacties van de buitenwereld.”


In 2010 zocht het Turkse TIV contact met het Nederlandse Kentalis. Het resulteerde in het project ‘Luister naar mijn stilte’, gefinancieerd door de Europese Unie. Het afgelopen
 jaar hebben medewerkers van Kentalis voor het eerst in Istanbul trainingen gegeven.

Het is niet het eerste buitenlandse project van Kentalis. De international afdeling heeft al jarenlang ervaring met projecten in Afrika en Azië. Het gebrek aan kennis en de schrijnende voorbeelden in Turkije zijn volgens projectmanager Julia van Grinsven van Kentalis Internationaal, herkenbaar. Zelf voor zich snel ontwikkelende landen als Turkije. „Maar een flat is nu eenmaal sneller gebouwd dan expertise over doofheid.” Volgens Van Grinsven is de honger naar kennis in Istanbul groot. „ De docenten zijn erg gedreven, maar het ontbreekt aan kennis over doofheid, aan kennis over onderwijs aan kleuters. In het project hebben we ons gericht op het lesprogramma, thematisch gericht werken, het observeren en evalueren van de kinderen.”


Ook de ouders - de meeste kinderen komen uit arme gezinnen, een aantal moeders is analfabeet - zijn bij het project betrokken. De Turkse projectleider Melike Sehirli: ,,De moeders van zeventig kinderen hebben we een intenstieve training aangeboden Heel breed. Van de geschiedenis van Turkije, spelen met kinderen tot aan gebarentaal. De onwetenheid over de handicap is groot. Sommige moeders hadden bijvoorbeeld geen idee dat de batterij van het gehoorapparaat van zoon of dochter verwisseld moet worden.”


Projectleider Van Grinsven ziet het project met het Turkse TIV als een begin. ,,Er zijn al plannen voor een vervolg. Veel zal afhangen van de vraag of we de financiële middelen kunnen vinden. We moeten voor onze internationale projecten keer op keer op zoek naar sponsors en fondsen.”

Geen opmerkingen:

Een reactie posten