maandag 1 november 2010

Aanslag Istanbul

‘Natuurlijk ben ik bang, hier kan alles gebeuren’

Hij heeft Istanbul in het hart geraakt. De man die zich gisteren op het drukke Taksimplein opblies. 32 mensen raakten gewond.  De angst in de metropool is terug van weggeweest. 


ISTANBUL - De 59-jarige Osman Oztürk staat in de deur van zijn supermarkt, een kleine twintig meter van het Taksimplein. Hij kijkt naar de zwaar bewapende agenten die verderop de mensen tegenhouden. Niemand mag het plein meer op. Veiligheidsdiensten kammen elke centimeter van het plein uit.. “Daar is net nog een bom gevonden”, weet hij.
Vanmorgen hoorde hij de knal. Een jonge man liep op een politiebusje af en blies zichzelf op.  Oztürk wist meteen dat het goed mis was. Mensen renden in paniek zijn straat in. Later volgden de ambulances met gewonden. In totaal raakten 32 mensen gewond, onder wie vijftien agenten. Een stuk verderop zit een ziekenhuis. Hij schudt zijn hoofd. “Ik ben er ziek van.”  De angst sluipt zo zijn leven in. Hij is banger geworden, zeker op de drukke plekken. Niet makkelijk voor iemand die in het hart van de metropool werkt. Het centrum trekt dagelijks tienduizenden bezoekers - onder hen veel toeristen.
Onder hen ook de Nederlandse Marjan Hartlief uit Leeuwarden. Ze hoorde van een verkoper vlakbij het plein wat er gebeurd was. “Hij was helemaal in shock. Getverderrie, denk je dan. De sfeer in de stad is ook totaal anders.” Haar moeder knikt. “Heel akelig. Wie weet gebeuren er nog wel meer aanslagen vandaag. Maar dit kan tegenwoordig overal gebeuren.”
Het is niet de eerste keer dat het Taksimplein het doelwit van terroristen is. Ook in 2001 blies een man zich op het plein op. Twee agenten overleefden die aanslag niet. En niemand in Istanbul is de bloedige Al Qaida-aanval van 2003 vergeten. Maar liefst zestig mensen en honderden raakten gewond kwamen na aanslagen bij het Britse consulaat, het hoofdkantoor van de Britse HSBC Bank en een synagoge, eveneens in hartje van de stad.

Lelya Celikten, die dichtbij het plein een snoepwinkeltje runt, voelt de angst groeien.. “Natuurlijk ben ik bang. Net als iedereen in de buurt. Je weet nooit wat er kan gebeuren. Maar we moeten gewoon doorgaan, anders heb je geen leven.” Ze wijst naar haar kleine televisie boven de deur, de zender laat nogmaals zien hoe de gewonden deze ochtend werden weggebracht.  Ze schudt haar hoofd. “Op zo’n mooie zonnige dag als vandaag en dan staat iemand op met deze plannen. Wat voor mens doet zoiets?”
Wie achter de aanslag zit, is nog niet bekend. Gisteren was de laatste dag van een eerder afgekondigd staakt-het-vuren van de PKK, de Koerdische terreurorganisatie, die eerder ook zelfmoordenaars gebruikte om aanslagen te plegen. Een woordvoerder van de PKK zei gisteren echter - zo meldt CNN Turk - niet van de aanslag af te weten. Premier Recep Tayyip Erdogan veroordeelde de aanslag scherp. “Dit zal de broederschap en eenheid van ons land niet in gevaar brengen”, aldus Erdogan.
Volgens de veertigjarige Hussein, al jaren verkoopt hij gepofte kastanjes in de drukke Istiklal Cadessi, kan iedereen achter de aanslag zitten. “Turkije heeft nogal wat vijanden. Het kan uit elke hoek komen”, zegt hij. Ook hij hoorde vanmorgen de knal en zag de paniek om zich heen. Bang om in het drukke centrum te werken is hij niet. “Bang? Dat nooit. Dat is precies wat die terroristen willen.”

Geen opmerkingen:

Een reactie posten