maandag 7 juli 2014

De Uitverkorenen

 

        In Amman


        Ben net terug uit Amman, waar ik Syrische families heb gesproken, die              naar Nederland mogen. Zie het nieuwe hoofdstuk van Fort Europa: De                                                   Uitverkorenen.  


                                                     www.fort-europa.nl 

Nederlands bootje varen door de Gouden hoorn

Nederlandse stoomsleepboot vaart
na zwaar afscheid door Gouden Hoorn

Foto Bruno Cianci


ISTANBUL (DPD) - Ze klost door het water. Toeettt!, schaalt het over de Gouden Hoorn in Istanbul. De stoom kringelt omhoog. Een bootje verderop toetert terug. De 141-jaar oude Nederlandse stoomsleepboot Rosalie is aan een nieuw leven begonnen. In Turkije.

,,Schitterend’’, vindt Floor Kersten uit Enkhuizen die in de zon op het dek van de Rosalie zit  Hij is degene die de oude stoomboot onder de aandacht bracht van Rahmi Koc, een van de rijkste mannen van Turkije en oprichter van het Rahmi M. Koc Museum. Een industrieel museum in Istanbul.  

Kersten, gepensioneerd maritiem verzekeringsexpert, kreeg via via het verzoek om voor het Turkse museum  op zoek te gaan naar een mooie stoomboot. Na een korte zoektocht zag hij de Rosalie, een stoomsleepboot uit 1873.  In opdracht van het Korps Torpedisten van het Nederlands leger in Kinderdijk gebouwd. ,,Het schip heeft nog de originele diagonale compound stoommotor en is daar mee is de enige in zijn soort’’, legt Kersten uit. Toettt, klinkt het weer hard.  Ertugrul Duru, directeur van het Rahmi Koc Museum glundert. Hij steekt zijn duim op naar Kersten. Blij met de bijzondere Hollandse aanwinst.

Op het bord bij de steiger van het museum staat de rijke geschiedenis van de boot te lezen. Tussen 1873 en 1924 heeft Rosalie dienst gedaan als ‘mijnenlegger’ in de Maas, later tot 1976 deed het schip dienst als sleepboot, waarna ze later door hobbyisten werd gered van de schroot en is gerenoveerd. De eigenaren - ook al op leeftijd - konden het schip echter niet meer onderhouden.

Kersten: ,,Twee jaar lag ze in Enkhuizen te koop, maar er was geen enkele belangstelling. Tot dat Koç kwam’’. Niet iedereen in Nederland was blij met de vertrek van historisch erfgoed naar Turkije. Stoombootliefhebbers waren woedend, stuurden boze mails naar de twee oude eigenaren. Ook de gemeente Brielle betreurde het vertrek van de oude stoomsleepboot. ,,Ik kreeg nog een telefoontje of er toch niet iets was te regelen.’’

De Nederlander kijkt naar het glimmende schip. ,,Dit is een prima plek voor haar. De liefhebbers die bij het afscheid hebben gehuild, kunnen altijd een retourtje Istanbul boeken en hier bij het museum voor een rondje opstappen.’’

Isis is handel in Istanbul

Op zoek naar de Isis-shop in Istanbul


Het dagblad Yurt bracht het nieuws over de shop op de voorpagina. 


T-shirts met het logo van terreurbeweging Isis zijn te koop in een winkel in Istanbul. De Turkse ondernemer Bilal is verbaasd over alle ophef.

Waar de Isis-winkel zit? De eigenaar van de kleine buurtwinkel in Bagcilar, een arme en conservatieve wijk in Istanbul, heeft geen idee. Zijn buurman van de telefoonwinkel ook niet. Hij heeft het nieuws wel gehoord. Hier ergens in de buurt zou een Isis-shop zitten. Een winkel met promotiemateriaal voor de extreme islamitische terreurbeweging, die bezig is met snelle opmars in Irak. Berucht vanwege de wreedheden, vanwege de executies en onthoofdingen. De ophef in de Turkse media was groot, maar in Bagcilar is de winkel bij velen onbekend.

Verderop zit een jongen aan de thee. Hij komt uit Syrië, uit Aleppo en weet waar de winkel zit. Hij is geschrokken van het ISIS-shirt in de etalage. ,,Pas maar op dat ze je hoofd niet afhakken’’, klinkt het.

Een stukje verderop: de winkel. Gesluierde poppen - de gezichten zijn ook bedekt - in lange jurken staan in de etalage. T-shirts hangen er niet meer. Naast de deur een verwijzing naar een stuk uit de Koran dat zegt dat vrouwen zich moeten bedekken. Binnen nog meer jurken, mokken, buttons en petjes met in het Arabisch: ‘Er is maar geen God dan Allah en Mohammed is zijn profeet.’ Op de witte tafel witte en zwarte t-shirts met dezelfde teksten. Op een shirt staat het logo van ISIS, de extremistische beweging die een islamitische staat in Irak en Syrië nastreeft. De beweging die nog steeds 80 Turken in Irak gegijzeld houdt.

In de winkel, eigenaar Bilal Erologlu. Hij wil graag praten. De verontwaardiging over de berichten in de Turkse media is groot. Geen journalist heeft met hem gesproken, klinkt het. ,,We zijn geen Isis-shop. We hebben geen banden met deze groepering’’, begint hij fel. De opdruk op de bewuste shirts lijkt op het logo van Isis, maar is niet hetzelfde. ,,De tekst is al eeuwenoud.’’ Hij windt zich op: ,,We verkopen shirts, maar dat maakt ons geen terroristen.’’ Zijn schoonbroer knikt. ,,Wat we gemeen hebben met Isis is dat we ook moslims zijn. We bidden op dezelfde tijden, maar wij zijn tegen moord.’’  

Waarom dan toch deze shirts verkopen? Waarom promotie maken voor een club die in de naam van de islam al zoveel mensen heeft vermoord? Een helder antwoord blijft uit. Het zijn maar shirts, klinkt het nog maar eens.  Schoonbroer: ,,De opbrengst gaat ook niet naar Irak of zo. Isis heeft het geld van die paar shirts echt niet nodig. Het is een van de rijkste bewegingen van het moment’’, klinkt het met lichte bewondering. De politie is dinsdag ook al langs geweest. Alle shirts hebben ze bekeken. Erologlu: ,,We doen niets illegaals.’’

Echtgenote Zehra(27) - volledig in burka - is fel. Ze is boos op de Turkse media, heeft meteen aangifte van smaad gedaan en staat volledig achter de verkoop van de shirts.,,We zijn geen terroristen. Ik wil gewoon geschikte kleding aan vrouwen verkopen, maar ik voel me door alle reacties niet meer veilig.’’  Afgelopen nacht werd met graffiti ‘Hezbollah’ op het etalageraam geschreven. Ze hebben het vanmorgen meteen weggehaald. Ondernemer Erologlu zucht. ,, Wie weet ligt er morgen een raam aan diggelen. Ik ben geen vijand van sjieten. Ik verkoop deze voorraad shirts nog, daarna stop ik met deze Isis-shirts..’’ Zijn vrouw kijkt verbaasd op. Die beslissing is duidelijk nieuw voor haar.

donderdag 5 juni 2014

ploumen in het vluchtelingenkamp

Je zou met niemand willen ruilen hier''
Minister Ploumen bezocht gisteren een vluchtelingenkamp in Turkije. Ze kwam niet met lege handen. Nederland trekt zeven miljoen extra uit voor hulp aan Syrische vluchtelingen.


NIZIP  -  Met grote ogen en open mond kijken de kleuters naar de vriendelijk lachende mevrouw die naast hen op de kleine stoeltjes zit. Wie ze is? De Syrische kleuters in het vluchtelingenkamp in Nizip, een stad niet ver van de Syrische grens, hebben geen idee. Maar dat er vandaag belangrijk bezoek het schooltje - een grote warme tent - op het vluchtelingenkamp komt binnenlopen is duidelijk. En ze zijn er stil van.

Minister Liliane Ploumen (buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking) probeert via de tolk een gesprekje. Maar de kleuters blijven stil. Alleen een Engels liedje samen met de Turkse juf durven ze nog wel aan. De minister klapt in haar handen en zwaait gedag.

Twintigduizend Syriërs wonen hier in het kamp - in containers en tenten. Het is van de 21 kampen aan de Turkse grens waar Syriërs worden opgevangen. De zon schijnt fel. Het is al boven de dertig graden, binnen in de tenten is het nog warmer.

Ploumen, met dertig Nederlandse bedrijven op handelsmissie in Turkije, grijpt haar laatste uren in het land aan om met Syrische vluchtelingen te spreken. De Nederlandse ondernemers onderzoeken ondertussen vijftig kilometer verderop de kansen die Gaziantep hen biedt. De directeuren van Kamer van Koophandel en Industrie hebben deze ochtend al hun uiterste best gedaan om het potentieel van de stad onder het voetlicht te brengen.

Ploumen bezoekt ondertussen in hoog tempo het schooltje, de kleine kliniek, de supermarkt en spreekt met kampleiding en bewoners. Gadegeslagen door de kampbewoners en een hele zwerm kinderen. De 18-jarige Mustafa uit Idlib -met Turkse schoolboeken onder zijn arm - kijkt nieuwsgierig naar het gezelschap dat voorbij loopt. Weet hij wie er vandaag op bezoek is? Hij knikt aarzelend: ,,De gouverneur? ‘’ Twee maanden geleden kwam hij met zijn ouders en zusje naar Turkije toe. Het werd te gevaarlijk in Syrië. Mustafa wil nu zo snel mogelijk Turks leren en gaan studeren. Hij heeft al een beurs aangevraagd. ,,Ik wil ingenieur worden’’, klinkt het vastberaden. Hij verlaat liever vandaag dan morgen het kamp. Zijn klasgenoten knikken. ,,Ons leven staat stil hier.’’

De 43-jarige Abdulnassir uit Aleppo volgt het gezelschap in zijn rolstoel. Een gebrek aan medicijnen in Syrië heeft ervoor gezorgd dat een infectie zijn benen heeft verlamd. Lopen gaat niet meer. Maar de vader van vier is vooral dankbaar. Dankbaar dat zijn gezin veilig is en dat Turkije hulp biedt. ,,Syrië is kapot, maar onze Turkse buren helpen ons gelukkig.’’

En ook minister Ploumen is niet met lege handen gekomen. Aan het eind van haar bezoek maakt ze bekend dat Nederland zeven miljoen euro extra uittrekt voor hulp aan de Syrische vluchtelingen. Vier miljoen voor het voedselprogramma van de Verenigde Naties, twee miljoen voor Turkije, een miljoen voor Libanon. In totaal draagt Nederland nu 83,5 miljoen bij aan hulp voor Syriërs. De minister bezocht eerder ook kampen in Jordanië en Libanon en is onder de indruk van de Turkse kampen. ,,Er wordt alles aangedaan om het het leven van deze mensen zo leefbaar mogelijk te maken. Maar de situatie van de mensen blijft natuurlijk triest. Je zou met niemand hier willen ruilen.’’

De zorgen van Turkije over het grote aantal Syriërs in de steden - van de 1 miljoen Syriërs in Turkije wonen slechts 240.000 in de kampen’ - zijn haar bekend.  ,,De situatie in Syrië duurt veel langer dan iedereen had verwacht en het wordt steeds moeilijker.’’ Meer Syriërs toelaten tot Europa is volgens Ploumen niet de oplossing. ,,Opvang in de regio heeft de voorkeur. De meeste vluchtelingen willen gewoon snel mogelijk naar huis. Dat vertelde me de bewoners me net. Hartverscheurend.’’

dinsdag 27 mei 2014

Nederlandse grenswachten bewaken Fort Europa



Nederlandse grenswachten bewaken Fort Europa


Door onze correspondent Jessica Maas

LESOVO (DPD) - De grijze jeep van de Koninklijke Marechaussee hobbelt over de smalle weg door het Bulgaarse platteland. De bewoners van Lesovo kijken niet op van de wagen met Nederlandse kentekenplaten. Bij het dorpscafé steekt de eigenaar zijn hand op. Dat doet ook Age Boorsma. In het dagelijks leven is hij groepscommandant bij de Marechaussee in Harlingen. Controleert hij de schepen op de Noordzee. Nu rijdt de 45-jarige Boorsma samen met collega Erik van Essen (36) rond bij de Bulgaars-Turkse gens.

De twee blonde Nederlanders zijn een maandje ‘uitgeleend’ aan  Frontex, de Europese grenspolitie. Ze ondersteunen hier in het grensgebied de Bulgaarse politie. Drie kilometer verderop: Turkije. Tot november vorig jaar was deze grens één van de ‘grootste gaten’ in Fort Europa. Syriërs kwamen hier massaal illegaal de grens over.  Het land waar de afgelopen decennia jaarlijks 1000 mensen asiel aanvroegen, zag dit aantal in 2013 oplopen tot 7100. ,,In oktober kwamen er meer dan honderd per dag de grens over’’, vertelt de Bulgaarse agent op de achterbank. Bulgarije, het armste land van de Europese Unie, werd overvallen door de plotselinge vluchtelingenstroom en greep in. Ruim 1500 politie-agenten uit het hele land werden naar de kilometers lange grens gestuurd.

,,Op de grens zelf staan nu om de tweehonderd meter Bulgaarse agenten’’, verduidelijkt Boorsma. En dan rijden er net achter de grens de Frontex-teams rond. De Nederlanders, die twaalfuursdiensten draaien, controleren een gebied van bijna veertig kilometer. Verderop rijden collega’s uit Roemenië, Polen, Finland en Portugal rond. Een paar teams zijn uitgerust met warmtecamera’s, om in het donker vluchtelingen op te sporen.

De jeep rijdt verder. Dichter naar de grens. Voor veel Syriërs is Bulgarije het beloofde land. Om een stap over de Turk-Bulgaarse grens te zetten, betalen ze mensensmokkelaars in Istanbul honderden euro’s. ,,Hey, kijk eens. Daar loopt iemand’’, klinkt het ineens.Over een karrenspoor in het veld loopt een man met een rugzak.

De jeep rijdt er naar toe. Een Syriër? Dat blijkt niet het geval. De man zegt uit Frankrijk te komen en laat zijn paspoort zien. De Nederlanders inspecteren het paspoort nauwkeurig. ,,Waar ga je heen? Waar kom je vandaan?’’, wil ook de Bulgaarse agent weten. De man vertelt dat hij via België met het vliegtuig naar Athene en daarna met de bus naar de Bulgaarse hoofdstad Sofia is gereisd. Waar hij heen wil, is onduidelijk. Hij begrijpt niet wat de Nederlandse politie op het Bulgaarse platteland doet. .Ondertussen overlegt Van Essen met zijn collega’s in Nederland en geeft het paspoortnummer van de man door. ,,Ik sta hier in een veld in Bulgarije. Klasse 1 en 2. Hij staat internationaal gesignaleerd’’, klinkt het vanachter de wagen. ,,Hij is gewapend.’’

De lange Boorsma gaat glimlachend wat dichterbij bij de Fransman staan. De Bulgaarse collega vraagt ondertussen om assistentie. ,,Mijn collega’s willen u op het bureau wat meer vragen stellen.’’ De man knikt en lacht wat nerveus. Een politiewagen komt over het veld aangereden. Van Essen vraagt aan de man of hij gewapend is. Hij knikt en haalt een flink mes tevoorschijn. Het zat in een holster aan zijn broekriem. Hij geeft het wapen aan de Bulgaren en stapt de politiewagen in.

Terug in de Nederlandse jeep. Van Essen: ,,Het is een vreemd verhaal. Hij is in ieder geval geen toerist en je staat niet zomaar internationaal gesignaleerd.’’ De Bulgaarse agent vertrouwt het ook niet. ,,Misschien is hij toch via Turkije gekomen. Op zijn paspoortfoto had hij een lange baard. En hebben jullie zijn ringtone gehoord? Die was Arabisch.’’

Spannend zoals vandaag is het zeker niet elke dag, klinkt het in de jeep. De afgelopen drie weken zijn ze slechts een keer Syriërs tegengekomen. Drie jonge mannen. ,,Ze leken opgelucht toen ze hoorden dat ze in Bulgarije waren. We hebben ze wat water en fruit gegeven en naar het detentiecentrum gebracht.’’

Hoe is het om de grenzen van Europa te bewaken? Boorsma, die al twee keer eerder aan Frontex werd uitgeleend, vindt het ‘mooi werk’. ,,Het is weer eens wat anders dan het werk in Nederland.’’ Van Essen werkt in Nederland aan de Duitse grens in Zevenaar. ,,Ik kom daar regelmatig illegalen tegen, dan sta je aan het einde van hun reis. Nu aan het begin.’’

Verhalen dat de Bulgaarse politie steeds vaker Syriërs aan de grens terug duwt naar Turkije zijn de mannen niet bekend. Boorsma: ,,Als we zoiets zouden zien, dan zouden we dat onmiddellijk rapporteren aan Frontex. Dat wordt echt niet getolereerd.’’ De Bulgaarse collega’s zijn wel gedreven in het opspeuren van de migranten, klinkt het.

Van Essen begrijpt ook wel dat de Bulgaren niet blij zijn met de enorme toestroom. ,,Dit land is zo arm, daar heb ik me echt over verbaasd. Veel Bulgaren willen zelf weg. We hebben hier het huisje van een oom bezocht van onze Bulgaarse collega. Armoede troef. Het is alsof de tijd vijftig jaar heeft stilgestaan.’’ Bovendien willen de vluchtelingen zelf ook niet in Bulgarije blijven, weten de Nederlanders.

Van Essen: ,,Ze willen allemaal verder Europa in.’’


Zie voor meer verhalen, de longread Fort Europa

Villa Media














Nieuws 

Wegener met longread Fort Europa

vrijdag 23 mei 2014
De Wegener Persdienst (DPD) heeft op basis van maandenlange research door correspondent Jessica Maas een indrukwekkende, omvangrijke en interactieve longread geproduceerd over het lot van vluchtende Syriërs. Ze zijn op zoek naar een nieuw en veilig bestaan, maar vinden op hun weg profiteurs, gevaren en uiteindelijk een Fort Europa, hetgeen ook de titel is van de productie. Het Hoog Commissariaat der Verenigde Naties voor Vluchtelingen (UNHCR) schat dat er inmiddels al zo’n vier miljoen Syriërs voor het aanhoudende geweld op de vlucht zijn. DPD koos ervoor om zich te richten op een aantal spelers is in dit conflict, van de vluchtende onderwijzeres tot smokkelaars en grenswachten. Het geeft een gezicht aan een oorlog dat voor de meeste Europeanen een treurig, maar veelal anoniem conflict is.
Onderwerp: internettechnologiesyrië

vrijdag 23 mei 2014

Fort europa online!!

Project Fort Europa
 Foto: Georgi Kozhuharov



Het begon allemaal met een bezoek aan het vluchtelingenkamp in Bulgarije eind januari. De verhalen van de Syriërs maakten indruk. Samen met Bob van Huet van De Persdienst ontstond het idee voor een serie. Over Fort Europa en de Syriers.



Het begin van een ongelofelijke reeks ontmoetingen en verhalen. Het ingetogen verdriet van onderwijzeres Sukhran. De humor van anesthesist Malek in Edrine. De ernst van Abdejoha in Nederland, de poëtische Gwan. Strijder Mohammed Nur die me in Gaziantep ineens een foto van het lijk van zijn broer laat zien.

Natuurlijk weten we dat er al drie jaar een oorlog in Syrië aan de gang is. Bloedig, complex en triest. De grote aantallen doden, de vluchtelingen blijven droge statistieken.  Maar met elke ontmoeting kwam Syrië dichterbij. Niet eerder heb ik me gerealiseerd wat een oorlog, wat vluchten echt is. Wat zou ik doen wanneer het dode lichaam van mijn man op de stoep wordt gelegd? Wanneer ik met mijn twee dochters van drie en vier jaar alles achter moet laten? Wat zou ik doen wanneer zorgen over werk, kinderen en vakantie plaats maken voor overleven? Ik weet het niet en ik hoop er nooit achter te komen. Maar wanneer het gebeurt, hoop ik wel dat er iemand luistert.

Zie! Fort europa
-------------------------

Fort Europa is een productie van De Persdienst (Wegener Media B.V.)
Tekst en research: Jessica Maas
Coördinatie en internet: Peter Schong
Grafisch ontwerp: Jos Diender, Mark Reijntjens, Ruud Willems
Buitenlandredactie: Bob van Huët
Fotografie: Yoram van de Velde (Turkije, Nederland), Georgi Kozhuharov (Bulgarije), Hollandse Hoogte, Thinkstock
Video: Agata Skowronek, Jessica Maas, Rafik Koushna, Daniela Campo
Eindredactie: Marcha van Schijndel


-- 
Correspondent Turkey